dinsdag, 23 november 2021 11:57

Geschiedenis van de mode in de 20e eeuw - deel 2

Geschreven door
 Gertrud Lehnert: 'Geschiedenis van de mode' Gertrud Lehnert: 'Geschiedenis van de mode'

In deel 1 - gepubliceerd in de blog van 25 oktober - leerden we over het verschil tussen haute couturemode en de tegenhanger ervan de prêt-a-porterkleding, zeg maar de betere confectiekleding, die het grootste deel van de markt voor kleding bedekt vanaf de eerste wereldoorlog.
In de twintigste eeuw werd het een gewoonte

– en in tegenstelling tot eerdere eeuwen- om kleding vrijelijk te kiezen. Alleen de financieën waren voor mensen nog een beperking. Alleen in bijzondere gevallen en in zeer speciale kringen, gelden nog bijzondere voorschriften. Maar door de ontwikkelingen is de mode markt democratischer geworden. Voor elke prijs is wel modieuze kleding aan te schaffen. Maar de heersende smaak domineert. Wil mens een andere kleur kledingstuk aanschaffen, dan dient men de mode te volgen, want anders is het niet mogelijk. In elk land nu is de heersende mode gangbaar, of men het nu wil of niet. Daarvan is men dus afhankelijk.
 
In de twintigste eeuw ging veel op de schop op allerlei terreinen. Denk daarbij aan grote veranderingen in de natuurwetenschap, in de techniek, de verhoudingen tussen allerlei landen, politieke verschuivingen, handelsbetrekkingen die werden gemoderniseerd en maatschappelijke structuren die veranderden. Op dergelijke vlakken waren de veranderingen even onstuimig als op kunstgeschiedenis gebied. De mode was daarop geen uitzondering en men kan gerust stellen dat de twintigste eeuw voor de mode een tijd van revoluties was.

De lijnen en vormen van kleding uit de afgelopen eeuw verschilden wezenlijk van die uit de daarvoor liggende tijdvakken.. De veranderingen in het modebeeld volgden elkaar snel op, een ontwikkeling die in de voorgaande eeuwen niet te bespeuren was.

Een goed voorbeeld hiervan is de lengte van de rok. Tot dan toe reikten de zomen van de kleding tot aan de enkels en meestal nog langer. Uit de Spaanse Gouden Eeuw is een uitspraak van de Spaanse koningin Isabella overgeleverd: “Een Koningin van Spanje heeft geen benen”. Deze opvatting gold eeuwenlang voor al die dames die zichzelf respecteerden. Benen dienden onzichtbaar te zijn; ze werden door lange, wijde, meestal zeer strak zittende kleren met talrijke onderrokken verborgen en, oh wee, als je de enkels van een dame zag. In de vorige eeuw veranderde de hoogte van de zoom voortdurend. In deze eeuw werd de mode natuurlijker. In de eeuwen daarvoor werd het lichaam ingesnoerd, met zoveel mogelijk stoffen bedekt, hetgeen het lichaam onzichtbaar maakte. Maar in die roerige 20-ste eeuw werd dat dus losgelaten.

Overleg in het atelier van Worth.

Mode atelier van WorthFoto uit 'Geschiedenis van de mode' door Gertrud Lehnert.


Op de getoonde foto uit 1907 is dhr. Worth te zien met een klant. Deze Engelsman was de toonaaangevende couturier uit de tweede helft van de negentiende eeuw. Hij opende zijn eerste modesalon Worth & Bobergh in 1857 in de Rue de la Paix in Parijs samen met de Zweedse zijdehandelaar   Otto Gustav Bobergh. Bij Worth hadden de dames de keuze uit zeer weelderige stoffen en geraffineerde modellen, terwijl Worth hen daarbij adviseerde.
Hij behandelde zijn klanten met een zakelijke nuchterheid, die hij zich als kunstenaar meende te kunnen permitteren. Worths roem reikte tot over de grenzen van Europa. Hij had veel vrouwelijke klanten in Amerika, die zijn mode eleganter vonden én goedkoper. Zelfs overzeese firma’s kochten patronen bij Worth om die in hun eigen atelier te naaien.

Deel 3: In de 20-ste eeuw gaan vrouwen voor het eerst mannenkleding dragen.

 

 

 

Meer in deze categorie: « Genesis en duurzaamheid (deel 2)