donderdag, 21 januari 2021 10:52

Het lijkt alsof het probleem ons niet echt raakt

Geschreven door
G.vd Meulen, Nieuwsblad NOF, 04-12-2020 G.vd Meulen, Nieuwsblad NOF, 04-12-2020

‘Zeldzame strandplevier broedt steeds vaker op Ameland’ meldde het Nieuwsblad Noordoost Friesland van 3 november 2020. ‘De strandplevier heeft het de laatste jaren moeilijk in Nederland, maar gezien de positieve cijfers lijkt Ameland zich tot een uitzondering te ontwikkelen’. We mogen blij zijn met deze cijfers. Maar globaal

loopt de vogelpopulatie terug. De oorzaak is volgens de onderzoekers duidelijk: de drastische daling komt door toedoen van de mens.

Het leefgebied van veel vogelsoorten wordt steeds kleiner door toenemende bebouwing. Ook het gebruik van bestrijdingsmiddelen op landbouwgrond is van invloed op het gevogelte. Landbouwgif beinvloedt de insectenpopulatie en insecten zijn op hun beurt weer een belangrijke voedselbron voor vogels. De biodiversiteit, ook van de vogels, vliegt ook hierdoor naar beneden. Wil een (eco)systeem echter overleven dan is er veerkracht en diversiteit nodig, het vermogen schokken op te vangen. Dit doe je door risico’s te spreiden en niet alles op één kaart te zetten, zoals bijvoorbeeld wel gebeurt bij een monocultuur in de landbouw. Als dan een plant ziek wordt, is binnen de kortste keren de rest ook ziek omdat ze allemaal op elkaar lijken. Op grotere schaal: als een land geheel van zo’n monocultuur afhankelijk is, is het in dat geval gelijk zijn opbrengsten kwijt. Ook voor muntsystemen geldt het diversiteitsprincipe. We zijn nu allemaal afhankelijk van één centrale muntsoort, de euro, maar om monetaire crises op te vangen zou het heel goed zijn als er daarnaast nog aanvullende lokale gemeenschapsmunten zouden circuleren.

Onder de radar
De natuur krijgt alleen maar een stem wanneer mensen spreken in haar naam of wanneer natuurvernietiging en de gevolgen ervan maatschappelijk zichtbaar worden.
Klimaatverandering is al ettelijke decennia aan de gang maar er waren tal van acties nodig om de kwestie zichtbaar te maken en op de agenda te zetten. De ecologische crisis bestaat pas als maatschappelijk probleem wanneer er door mensen over wordt gesproken en vaak ook enkel in de mate dat er maatschappelijk gevolgen zijn. Het lijkt alsof het biodiversiteitsprobleem ons niet echt raakt. Het wordt nog altijd stiefmoederlijke behandeld. Ten onrechte: biodiversiteit is essentieel omdat het de sleutel is tot de stabiliteit en het behoud van ecosystemen. De klimaatcrisis is ondertussen wel bekend, maar onder de radar voltrekt zich een ramp met even gigantische proporties. Alleen heeft de biodiversiteitscrisis op dit moment relatief weinig maatschappelijk zichtbare gevolgen. Af en toe is er wel wat te doen rond de dreigende uitsterving van bekende diersoorten zoals de pandabeer of de tijger. Maar ondertussen verdwijnen tal van ongekende soorten van de planeet, zonder dat dit veel maatschappelijke deining veroorzaakt.

Symptomen
Biodiversiteitsverlies wordt gemeten aan de hand van de snelheid van het uitsterven van de soorten, planten, dieren en insecten. Sinds de Industriële Revolutie gaat dat proces 100 tot 1000 keer zo snel als tot dan de historische norm was. Dat is nooit vertoond sinds het uitsterven van de dinosauriërs. Zo zijn 60% van de dieren in de afgelopen 50 jaar verdwenen en wordt een op de vijf plantensoorten met uitsterven bedreigd. De vruchtbare bovenlaag van een kwart van alle landbouwbodems is geërodeerd. Driekwart van het landbouwareaal op aarde is beplant met slechts 10 gewassoorten: tarwe, rijst, maïs, soja, gerst, sorghum, koolzaad, bonen, gierst en katoen. Andere gewassen en variëteiten verdwijnen in een ongezien tempo. In de jaren negentig was Nederland de ‘groene gids’ van Europa. Maar een gids kent blijkbaar ook niet altijd de weg. We hebben de juiste koers nog altijd niet gevonden. Er is nauwelijks winst geboekt wat betreft biodiversiteit in Nederland, bodems zijn nog steeds verzuurd en vervuild, en ons grondwater staat lager dan ooit. Is er een uitweg?

Oorzaken
Een van de oorzaken ligt bij het doorgeschoten systeem van consumptiekapitalisme. Onrustig voortgedreven door de illusie van eeuwige groei is het immer begerig op zoek naar winst en nieuwe markten. Daardoor wordt er steeds nieuw land bezet als bron van olie, mineralen en biomassa. De oude grond wordt uitgeput achtergelaten want dit systeem, verantwoordelijk voor dood en verderf, trekt zich nu eenmaal weinig aan van levende ecosystemen. Maar de ecologische gevolgen zijn enorm. Bovengrondse vegetatie wordt verwijderd. Dat betekent meestal ontbossing en een groot verlies aan biodiversiteit. Een andere oorzaak ligt bij de ontwikkeling van de wereldbevolking. Deze neemt binnen enkele decennia toe tot 9 miljard. Dat zijn 2 miljard monden meer te voeden dan vandaag. Om al deze monden te voeden is er intensieve landbouw nodig die gebruik maakt van kunstmest. Het probleem is dat hierdoor stikstof wordt geproduceerd die overal terechtkomt, ook in natuurreservaten en natuurgebieden. Dat teveel aan stikstof is funest voor de biodiversiteit. Planten hebben namelijk stikstof nodig om te groeien, maar bepaalde planten die van stikstof houden, zoals gras, brandnetels en bramen, groeien bij een overschot aan stikstof extra hard. Daarmee verdringen ze andere, kwetsbare planten; en de vogels, insecten en andere dieren die ervan afhankelijk zijn verdwijnen daarmee ook. Het gevolg: onherstelbare aantasting van bodems, bossen, watergebieden en de daarin levende biodiversiteit.

Zijn er alternatieven?
Gelukkig wel. Het is voor de mens de hoogste tijd om een heel andere houding aan te nemen tegenover de natuur. Wij kunnen haar zien als iets wat we kunnen manipuleren en exploiteren. In de economieles wordt zij nog altijd consequent gezien en behandeld als een ‘productiefactor’, naast arbeid, kapitaal en ondernemerschap. Maar de natuur kunnen wij ook zien als iets om dienstbaar aan te zijn èn als verleenster van diensten. Zo maakt de natuur ecosysteemdiensten mogelijk, diensten die zij dus zèlf levert. Bij dergelijke diensten kan men denken aan het voorzien van drinkwater, het bestuiven van gewassen, de gelegenheid geven tot recreatie, het onderdrukken van schadelijke plaaginsecten, het helpen van gewassen om d.m.v. bodemschimmels en -bacteriën voedingsstoffen op te nemen e.d. Hoe belangrijk dit ook is, dit gegeven zal waarschijnlijk alleen de aandacht trekken van politieke en zakelijke leiders als er een economische waardering aan wordt toegekend. Als zij het economisch belang zien, zien zij dan ook het belang van natuurbehoud. Geld regeert nog altijd de wereld. Het economisch belang kan erg groot zijn. Neem bijvoorbeeld de taxusboom. Die werd eerst nog als een inferieur onding beschouwd, maar is nu de hofleverancier van taxol, een levensreddend medicijn tegen borst-, prostaat- en eierstokkanker. De omzet van dit medicijn is gestegen tot wel 1,5 miljard dollar per jaar. Maar zodra soorten verdwijnen, verdwijnt daarmee ook hun potentiële nut en economische waarde. Er is dus alle belang bij om de biodiversiteit in stand te houden en gelukkig zijn er daarvoor diverse agro-ecologische landbouwpraktijken.

Een vruchtbare relatie
De toekomst ligt in het opbouwen van een vruchtbare dienstbare relatie tussen mens en natuur, met bijvoorbeeld landbouwgebieden vol biodiversiteit die natuurgebieden eerder versterken dan verschralen. Lokale landbouw- en voedselsystemen bieden een waardevol alternatief. Maar dan zal er meer moeten geinvesteerd worden in ontwikkeling van lokale, diverse en agroecologische landbouwsystemen. Het zou al enorm schelen als we het vlees één dag per week konden laten staan. Zo zou onze voeding op termijn gezonder worden, leggen we minder beslag op landgebruik en kunnen we natuur en biodiversiteit optimaal in stand houden én minder broeikasgassen uitstoten dan met de conventionele systemen. Wellicht vraagt biolandbouw meer ruimte. Als dat echter ook schoner grondwater, meer dierenwelzijn en biodiversiteit oplevert (veelsoortig grasland, meer insecten) en koolstofopslag in de bodem, dan lijkt dat in ieder geval een prima oplossing.

George van der Meulen (docent economie)

Bron: Nieuwsblad Noordoost-Friesland, 04 december 2020
Foto: Johan Krol